|
Decentralisatie in Suriname |
|
|
PARAMARIBO — De waterschappen in Suriname worden nieuw leven ingeblazen en verduurzaamd in het kader van het decentralisatiegedachte van de overheid. Zo kwam gisteren naar voren op een werkconferentie van RO. "Deze (de waterschappen) hebben goede tijden gekend, maar maken al geruime tijd zeer slechte tijden mee. Om wederom hiervan te kunnen profiteren zal veel in samenwerking met alle actoren en stakeholders moeten gebeuren", sprak minister Romeo van Russel van Regionale Ontwikkeling (RO). De werkconferentie had als thema ‘Naar duurzame functionering van waterschappen in Suriname’, en is gehouden in de vergaderzaal van het Ministerie van Planning en Ontwikkelingssamenwerking (Plos). Het doel van de conferentie is om een aanzet te geven tot het heractiveren van de waterschappen. Volgens de bewindsman wordt met waterschap bedoeld een gedecentraliseerd lichaam aan welke de Staat publiekrechtelijke bevoegdheden overlaat, met betrekking tot de waterstaatkundige verzorging van een bepaald gebied. Deze bevoegdheden betreffen met name de aanleg, het onderhoud en de instandhouding van kunst- en andere werken in bedoeld gebied. Ook het opleggen van verplichtingen aan de belanghebbenden en bezitters van gronden binnen het waterschap en het doorvoeren van dwangmaatregelen vallen hieronder. De decentralisatie houdt volgens de RO-minister in de overdracht van bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de centrale overheid naar lagere overheidsorganen. Het doel hiervan is om de overheidstaken efficiënt uit te voeren, het bestuur dichter bij de lokale bevolking te brengen en de participatie van de bevolking in het bestuur te bevorderen. In Commewijne, Coronie en Nickerie zijn er zelfstandige gemeenschappen in de vorm van waterschappen. Deze worden vaak geassocieerd met de agrarische sector. RO erkent de belangrijkheid van waterschappen voor deze sector, maar geeft aan dat het even vitaal is voor andere sectoren en gebieden die een waterstaatkundige eenheid vormen. Uit de informatie van zijn presentatie concludeerde Van Russel dat de bestaande waterschappen niet zijn opgeheven. Voor deze waterschappen gelden de bepalingen van de Waterschapswet voor zover niet in strijd met bepalingen van de Wet Regionale Organen (WRO), totdat er voorzieningen zijn getroffen. De huidige wetgeving staat het heractiveren van de bestaande waterschappen dus niet in de weg en sluit evenmin de mogelijkheid uit om nieuwe waterschappen op te richten. Het districtsbestuur oefent ingevolge de WRO taken uit op het gebied van het waterbeheer. "De overall conclusie luidt dus dat er geen eenduidig regime bestaat voor de vervulling van de watertaken. Willen we de waterschappen in het kader van de waterhuishouding echter een rol van betekenis laten vervullen, dan is het van eminent belang om tot dat eenduidig regime te geraken", zei Van Russel. De conferentie biedt bij uitstek de gelegenheid om alle relevante vraagstukken en knelpunten te bekijken en te komen met aanbevelingen die moeten leiden tot een krachtig Plan van Aanpak met een tijdspad, waarbij concrete stappen worden geformuleerd. Deze moeten betrekking hebben op de wetgevingsaspecten die van belang zijn voor waterschapsvorming in Suriname, de reactivering van bestaande, en de oprichting van nieuwe waterschappen, sprak minister Van Russel. Vice-president Jules Ajodhia die de conferentie opende, zei dat de regering een beroep op alle actoren doet om een maximale bijdrage te leveren aan het welslagen van de belangrijke werkconferentie. "De regering zegt alle medewerking toe bij het bereiken van de gestelde doelen en kijkt met belangstelling uit naar de resultaten van de unieke conferentie over duurzaam functioneren van waterschappen in Suriname", aldus Ajodhia. Overgenomen uit het het Surinaams ochtendblad De Ware Tijd van 8 november 2002
|